|
|
Uitgebreide K70 Test. | |
|
Verslag over een K70 enthousiast uit Luxemburg Klein verslag van een K70 restauratie Diverse testverslagen uit oude automagazines. Diverse verslagen van meetings. |
Dit artikel is uit het Duits vertaald en is verschenen in het blad “Auto Motor und Sport” nummer 22 van het jaar 1970. Gevecht in de voorhoede!!!
In
maart 1970 was op de NSU stand op de Autosalon van Geneve een première
plaats gereserveerd voor de gloednieuwe NSU K70, tevens was er een
testwagen beschikbaar voor het team van Auto Motor und Sport om de wagen
aan de tand te voelen. Echter door de overname van NSU door Volkswagen
werd de NSU K70 daags voor de aanvang van de Salon van de beursvloer
geplukt. Een groot deel van de middenklasserwagen rijders die de NSU K70
wel zagen zitten maar hen alleen nog van foto’s en beschrijvingen
kenden schaarden zich achter de K70 door boze brieven naar Wolfsburg te
sturen met verzoek om toch de K70 op de markt te brengen. In de brieven
werd de K70 beschreven als Duitslands beste middenklasser en zelf
wonderwagen werd meer dan eens genoemd. Omdat men in Wolfsburg begon in te zien dat met de overname van NSU toch wel een bijzondere auto had binnengehaald is men toch overgegaan met het produceren van de Volkswagen K70. De K70 is Volkswagens eerste watergekoelde en front aangedreven voertuig. Wellicht zal de K70 Volkswagen weer beter in de markt gaan zetten want het hopeloze verouderde concept van luchtgekoelde boxermotor en de achterwiel aandrijving is niet meer van deze tijd. Eindelijk is het dus mogelijk om deze wonderwagen aan een test te onderwerpen. Natuurlijk kijkt Auto Motor und Sport ook naar de noodzaak van de K70. Volkswagen heeft al een model in de middenklasse, de 411/412.
Karosserie:
compact en zakelijk. Het moet van Volkswagen gezegd worden dat er toch bewondering bestaat om het roer zo radicaal om te draaien. De beslissing om met een voorwiel aangedreven en watergekoelde wagen te komen is natuurlijk een belangrijke beslissing die Volkswagen jaren voor zich uit heeft geduwd. Maar de K70 stamt uit de technisch hoogstaande stal van NSU. Een kleine producent die met de RO80 al hoge ogen had gegooid. Als we de K70 naast een RO80 zetten zien we dat beide auto’s diverse stijlelementen delen. Zoals de korte overhang aan de voorzijde, de lange motorkap, de wielbasis en de korte achterzijde. Ook de hoogte en de grote ramen komen overeen met de RO80. Over de vormgeving van de K70 is nauwelijks discussie mogelijk, hij bevalt. Met zijn 4420 mm. is de K70 flink te noemen (hij is maar 133 mm. korter dan de 411 en 170 mm. korter dan de Audi 100.) en dat heeft hij danken aan zijn grote wielbasis van 2690 mm. De wielkasten zijn vrijwel niet in het interieur terug te vinden en geeft zij berijder en passagiers ruim voldoende beenruimte, zowel voor als achterin. Die ruimte word ook nog eens onderstreept door grote raampartij en de smalle raamstijlen van de wagen. Dat geeft echt het gevoel om met een enorme wagen op pad te zijn maar tevens zorgt het er voor dat men tijdens parkeren steeds voldoende zicht heeft om schadevrij te manoeuvreren. Het exterieur van de wagen zal menig eigenaar een chroomfobie opleveren, overal is chroom te vinden. Uiteraard is alles tot in het subtiele gehouden. De kofferruimte is maar met één woord te beschrijven, groot. Dat is echt een middenklasse kofferruimte die tot ver voorbij de achteras doorloopt. Overigens is die kofferruimte ook nog te vergroten door de achterbankleuning neer te klappen. Zo kunnen ook hele lange goederen worden meegenomen.
De
toegang tot de enorme kofferruimte is toch wel enigszins klein te noemen
en de til hoogte is echt te hoog. Beter was het als de kofferdeksel meer
in de achterpartij zou doorlopen. Het in de kofferruimte opgeborgen
reservewiel heeft geen invloed op de grootte van de kofferruimte. Ook de
brandstoftank is goed geplaatst, namelijk voor de achteras zodat hij bij
ongelukken het beste word beschermd. Het verwonderd niet dat Volkswagen
de K70 vrijwel onveranderd van NSU heeft overgenomen. Wat ruimte en
doelmatigheid laat hij niets te wensen over. Uitvoering: compleet en functioneel.
De
functionaliteit zet zich in het interieur door. De K70 is serieus en
zakelijk ingericht zoals we dat gewend zijn van Duitse auto’s. De
positionering en het gebruik van de bedieningselementen zijn allen
logisch te noemen. Links van het stuurwiel zijn verschillende knoppen te
vinden voor onder andere licht, parkeerlicht en alarmlichten. De drieweg
schakelaar voor de ruitenwissers (interval en twee snelheden) en de
elektrische ruitensproeier laten zich met een hendel aan de stuurkolom
gemakkelijk bedienen. Het startslot zit in het dashboard, het was
wellicht beter geweest om dit in de stuurkolom onder te brengen. Het
instrumentarium omvat in de standaard uitrusting een snelheidsmeter,
brandstofmeter, klok en een kombi-instrument. Bij de 90 PK versie komt
daar ook nog een toerenteller bij. De instrumenten liggen iets te diep
en zullen voor berijders die wat laag zitten het onderste gedeelte niet
kunnen zien omdat het stuur er dan iets voor zit. Voor de rokers zit de
asbak te veel naar recht geplaatst. Klein spul kan goed worden
opgeborgen in het dashboardkastje of in de portierzakken. Wat praktisch
te noemen is, is dat ook de plaats voor de radio gebruikt kan worden
voor het opbergen van kleine spullen mits er uiteraard geen radio
geplaatst is. Het zekeringen kastje onderin het dashboard bereikt men
met één handreiking. Voor het bedienen van de aanjager en de kachel
(in sommige auto’s een ware puzzel) is een gemakkelijk schema
gebruikt. In en op het dashboard zijn maarliefst zes ventilatieopeningen
te vinden die alle inzittenden kunnen bereiken. De ontwasseming van de
ruiten is voldoende en ook de temperatuur is goed in te stellen, de
kachel is werkelijk enorm op te stoken. Voor de inzittenden is het
echter ook belangrijk dat de uitstroomopeningen voldoende en tochtvrij
zijn af te sluiten, helaas was dat bij onze testwagen niet altijd het
geval. Het zitcomfort was nooit het sterkste punt van NSU (in de Ro80
werden de zetels diverse malen aangepast) en ook in de K70 heeft
Volkswagen nog net niet de ideale zit gevonden. Ook naar de koplampen
van de K70 moeten de Volkswagen technici een keer kijken, er is veel
verstrooiing van het licht, overigens is dat uiteraard van logische aard
bij een automobiel die pas net is geïntroduceerd. Er zijn altijd wel
wat op en aanmerkingen. De K70 word met twee motoren geleverd, 75 PK en
90 PK, en met twee uitvoeringsniveaus waarvan de eenvoudigste toch al
vrij luxe is uitgevoerd. Met de L uitvoering krijgt men boven op de
standaard vloertapijt, ligstoelen voorin, opbergtassen aan de
voorleuningen, een middenarmsteun op de achterbank en een afsluitbaar
dashboardkastje. Wat ons bijzonder bekoord is dat de algehele afwerking
net als ander Volkswagens een zeer goede en degelijke indruk maakt. De
uitvoering van de details en het geluid van dichtslaande deuren schuurt
tegen het niveau van Mercedes aan. Dat is de bijdrage van de Volkswagen
constucteurs aan de K70 , die voor de rest wat de ontwikkeling betreft
van NSU af kwam. Motor. Prinzen-Look.
Wie
de geschiedenis van de K70 kent herkend direct de afkomst van de motor.
Iedereen zal meteen de afzonderlijke kleppendeksel met de losse
spanbeugels herkennen als NSU techniek die ook werd gebruikt in de NSU
Prinz. Ondanks de waterkoeling en de voorwielaandrijving is de K70 motor
nauw verwend aan de Prinz motor. Kostenbesparingen liggen hier aan ten
grondslag, er was bij NSU ten tijde van de ontwikkeling van de K70 geen
geld om een hele nieuwe aandrijflijn met motor te ontwikkelen. Ondanks
dat is de aandrijflijn van de K70 toch uiterst interessant te noemen.
Omdat alles behoorlijk compact moest zijn en om een goede
gewichtverdeling te krijgen werd ze in twee fasen gebouwd. De motor
staat boven de schakelbak en het differentieel en kon daardoor ver naar
achteren worden geplaatst. In de K70 zit de compacte aandrijving
praktisch geheel boven de aandrijfassen wat een gunstige asdruk
oplevert. Daarbuiten is het ook nog eens vrij makkelijk om de koppeling
en schakelbak te demonteren zonder dat de hele motor er uit hoeft.
Natuurlijk is er ook een nadeel. Het monteren van een automatische
schakelbak, die ook voor de K70 was voorzien, is niet zo eenvoudig. Was
het met de bestaande Volkswagen techniek vrij simpel om ook een
automatische schakelbak in de Audi 100 te bouwen, bij de K70 ligt dat
even anders en zullen er flinke aanpassingen moeten worden gedaan. De
viercilinder verrast door zijn levenslustige temparament. Hij loopt mooi
rond en ook in de lage toeren heeft hij bereik genoeg. De toerenteller
loopt op tot 6300 omwentelingen per minuut en daar maakt de motor dan
ook gretig gebruik van. Men heeft het gevoel met een temperamentvolle
auto op pad te zijn, de teleurstelling is al om als men de stopwatch er
bij houd en er gewoon gemiddelde waarden haalbaar zijn. Nu word
duidelijk dat de motor maar een inhoud heeft van 1600 cc en dat is net
even te weinig voor een auto met dit gewicht en van dit formaat in de
huidige middenklasse, die tegenwoordig toch snel van zo’n 1700 en 2000
cc is voorzien. De meeste berijders van de K70 zullen echter genoeg
hebben aan de geleverde prestaties en zich een sportieve rijstijl kunnen
aanmeten. De vier versnellingen laten lekker lang op zich wachten (90
km/h in de 2 en 135 km/h in de 3) en zullen zich tijdens het inhalen of
snel meerijden met het verkeer gunstig laten gelden. De schakelpook ziet
er uit als Volkswagen maar zodra men hem vastpakt is het toch echt NSU.
Licht laten de gangen zich schakelen, maar de exactheid van de bak laat
te wensen over. De topsnelheid laat het enige zwakke punt van de
carrosserie zien, slechts 160 km/h voor de 90 pk uitvoering, daar wreekt
zich de hoekige vormgeving van de K70. De vormgeving laat zich ook
gelden in het verbruik die vooral tijdens de hogere snelheiden snel
oploopt. Een wonder van stilte is de K70 ook niet. Vooral rond de 5000
toeren stijgt het geluid onaangenaam. Dan zijn auto’s van BMW, Renault
en Peugeot een heel stuk stiller en zal hierover het laatste woord bij
Volkswagen nog niet gesproken zijn. Een verlaging van het geluidsniveau
zal de K70 bijzonder goed doen. Terwijl de andere geluiden zoals rol en
windgeruis juist niet zo hoog zijn. In tegenstelling tot ander
Volkswagens bezit de K70 een automatische choke die bij de koude start
een handje helpt. Startproblemen deden zich met onze testwagen niet
voor. De 75 PK motor zal spoedig door ons team aan een test worden
onderworpen. Waarschijnlijk zijn de prestaties niet bijzonder groot. Wat
wel interessant is, is dat de 75 PK is uitgevoerd voor normale benzine. Rijden:
vooral comfort. Had
men de Wolfsburgers 10 jaar geleden voorspeld dat men met een voorwiel
aangedreven auto zou komen dan had men waarschijnlijk kopschuddend hard
gelachen. Maar tijden veranderen en die voorwiel aangedreven auto is er
nu en niemand is er eigenlijk ongelukkig door. Want door gebruik te
maken van de bekende NSU techniek heeft Volkswagen een bijzonder
verfijnd rijdende auto in huis. De comfortabel gevederde draagarmen aan
de voorzijde zijn wat licht uitgevoerd maar eigenlijk is een zwaardere
uitvoering ook niet nodig want de remschijven zitten niet zoals normaal
bij de wielen maar vlak naast de schakelbal gemonteerd. Ook achter is de
vering comfortabel en licht uitgevoerd. Zoals verwacht rijd de wagen
comfortabel en zonder problemen. Zoals zovele voorwiel aangedreven
auto’s heeft de wagen, onafhankelijk van de snelheid, een hoge
koersvastheid. De reacties op zijwind zijn gering. In bochten komt een
beetje ondersturen aan het licht. Overigens is de vering comfortabel te
noemen met een kleine neiging tot deinen. In plotseling bochten op
snelheid komt het wel tot het licht uitbreken van de achterkant maar om
nou te zeggen dat dit hinderlijk te noemen is… nou nee. De besturing
van de K70 is bij lagere snelheden zwaar te noemen en ook oneffenheden
in de weg worden behoorlijk door gegeven. Een stuurbekrachtiging zoals
bij de NSU RO80 past niet in het kosten plaatje van de Volkswagen. De
remmen voldoen echter wel aan alle verwachtingen. Door gebruik te maken
van een twee-weg-remsysteem komt de K70 snel tot stilstand. Werkelijk
een sterk staaltje techniek. Tegenover andere voorwiel aangedreven
auto’s werkt de K70 handelbaarder. Vergeleken met de Audi 100 is de
k70 beweeglijker en sportiever te rijden, meer een rijders-auto dus.
Zowel motor als onderstel hebben trekjes die we alleen van BMW, Alfa
Romeo of zelfs bij NSU gewend zijn. Dat we dit nu in een Volkswagen
terug vinden is niemand treurig om. Met zijn onafhankelijke vering en
zijn lange wielbasis is de K70 bijzonder comfortabel. Met zijn rijgedrag
staat de K70 op het zelfde peil als de Audi 100 en zelfs de betere
Franse automobielen. Is alles dan 100%? Nee, een klein puntje van
kritiek is dat korte dwars richels bijzonder sterk worden doorgegeven. Eindoordeel. Met de overname van NSU heeft Volkswagen een heel hoog peil aan Know How in huis gehaald. Dat NSU met de K70 een bijzonder goede en comfortabele auto heeft ontwikkeld was reeds bekend. Volkswagen is zo verstandig geweest om aan de technische aard van de wagen weinig te veranderen zodat men nu eindelijk een moderne voorwiel aangedreven auto in huis heeft. Wij zijn er van overtuigd dat als Volkswagen zijn toekomstige modellen op het peil van de K70 brengt het wel weer goed gaat komen met de mensen uit Wolfsburg. |
|