Goede wijn behoeft geen krans, een goede K70 trouwens ook niet.

Home


Uniek NSU K70 artikel


K70 geschiedenis


Technische gegevens


K70 aankooptips


Mijn K70


K70 liefde roest niet!


K70 in Luxemburg!

Verslag over een K70 enthousiast uit Luxemburg


Alle hoeken gezien.

Klein verslag van een K70 restauratie


Fabrieksfoto's


NSU K70 Promo


K70 Links


VW advertentie


K70 Taxi


K70 in Nederland


K70 in model


K70 films


Diverse testverslagen uit oude automagazines.

K70 duurtest

K70 Uitgebreid getest

K70 nogmaals getest

De K70 LS getest

Typisch adoptiekind


Diverse verslagen van meetings.

Meeting Zijtaart 2005

Clubdag Lage Vuursche 2006


Updates


Disclaimer


Dit artikel is vertaald uit het Duits en verscheen augustus 1998 in het blad Motor Klassik.

De Franse filosoof Jean-Jacques Jaures zei het al; "Traditie is niet de as bewaren, maar ervoor zorgen dat de vlam blijft branden". Dat weet natuurlijk elke oldtimer liefhebber. In het geval van Joseph Bertrand gaat het niet om een vlam maar om een complete uitslaande brand.

De nu 51-jarige Luxemburger houd onvoorwaardelijk van zijn Volkswagen K70, of liever gezegd K70's. De VW K70 gold in zijn 5 productiejaren als een omstreden auto, veelal werd op verjaardagen de chromen K achterop de wagen beschreven als de K van Kinderziekten. Zijn vorm was te vierkant, zijn benzine consumptie te groot en het motorlawaai was net te hoog. Het was dus geen goede carrière voor de K70 en Joseph Bertrand weet wat de oorzaak is; "Ik geloof dat ze bij VW de wagen niet echt met het hart gebouwd hebben" zegt de kleine man met de waterblauwe ogen en een geforceerd lachje. Joseph Bertrand heeft geen goed woord over voor de bouwers die eigenlijk het degelijke imago van VW ondermijnden. Joseph Bertrand daar en tegen gaat voor de K70 met heel zijn hart en ziel. Hij leerde sleutelen en lassen, omdat in tegenstelling tot de Kever de spatborden niet geschroefd maar gelast gemonteerd zijn. 

De destijds 18 jarige Joseph wilde in 1977 geen Kever maar het topmodel van VW, de K70, die hem vanaf de introductie al interesseerde. "De K70 heeft een design die niet kan verwelken, tijdloos...", schreef een folder destijds, "zeer exotisch" vond Joseph Bertrand. In het kleine hertogdom werden maar zo'n 600 stuks K70 nieuw verkocht. Joseph kocht zijn eerste, een witte in L-uitvoering voor omgerekend zo'n 3000 D-mark in Berlijn. Verbaasd was men bij de Luxemburgse VW-dealers toen Joseph om onderdelen vroeg om zijn K70 rijdend te houden. Inmiddels had hij ook zeven sloop exemplaren tot zijn beschikking en werd hij in 1991 lid van de Internationale K70 club in Duitsland.

 

Toen was het hek van de dam. Hij kocht een autoaanhanger en huurde een grote garage. Hij kocht K70, K70 en K70 totdat het er 31 stuks waren. De mede leden van de K70 club noemen hem dan ook "De Graaf van Luxemburg". 

Momenteel werkt Joseph Bertrand bij een recyclingbedrijf en noemt hij de regelmatige werktijden ideaal voor zijn hobby. Al zijn vrije tijd gaat op aan die hobby. "De tijd is mijn vijand, ik kom tijd te kort. Twaalf auto's moet ik regelmatig berijden en de rest van de auto's hou ik motorisch en optisch in conditie door ze regelmatig met de hand te verdraaien, het koppelingspedaal in te trappen, de banden houd ik constant op druk en de wagens worden maandelijks afgestoft". 

De tijd dringt, in Duitsland waren er in 1997 nog maar zo'n 700 stuks over van de vierdeurs limousine. In totaal werden er zo'n 211.000 stuks gebouwd. De clubleden gaan er van uit dat er uiteindelijk maar zo'n 200 exemplaren wereldwijd rijdend overblijven, dat dankzij de slechte onderdelen voorziening, het stigma waarmee oude auto's te maken hebben op milieugebied en de slechte conservering van de K70's zullen ervoor zorgen dat ze langzaam uit het straatbeeld zullen verdwijnen. Een aantal zal in ieder geval in een Luxemburgse garage bewaard blijven voor het nageslacht. 

Ooit zal Joseph 5 a 10 procent van de K70's wereldwijd in bezit hebben. Stofvrij en koel zullen ze de tijd overleven, natuurlijk zoutvrij, want in de winter rijdt Joseph één van zijn vijf Range Rover's. 

De slechtste K70's zullen zijn voorzien van de nieuwe spatborden die de club vond op Tenerife, of de gloednieuwe chromen bumpers die bij een handelaar uit Jordanië vandaan kwamen. De Lotus Witte K70L die Joseph Bertrand in Berlijn kocht zal dan nog steeds maar 30000 kilometer op de teller hebben staan, het interieur zal nog steeds ruiken naar nieuwe was, plastic en bekleding, waarop overigens bijna niemand heeft gezeten. Op de Sumatra Groene zal nog steeds de originele sticker van de dealer zitten die hem destijds aan de eerste bezitter verkocht. En misschien heeft Joseph Bertrand dan ook zijn laatste ontbrekende K70 dan in zijn bezit. Afgaand op de ooit geleverde kleuren ontbreken alleen maar een paar zeldzame metallic kleuren, die spontaan van het metaal losraakten als slechte nagellak op nagels, en de kleur Kansas Beige ontbreekt ook nog. Ook een rechtsgestuurde zou hij graag willen hebben net zoals een originele taxi of een brandweeruitvoering van de K70 voor de brandweerleiding. 

Tevens heeft hij zijn zinnen gezet op een exemplaar bij een Beierse handelaar. Hij zag de kilometer op een maagdelijke 556 kilometer staan en de motor hoorde hij naar 26 jaar weer aanslaan alsof hij gisteren was weggezet. Joseph wil deze nieuwe wagen kopen, maar hem niet berijden of op kenteken laten zetten. "Hij moet gewoon eeuwig bewaard blijven voor het nageslacht". En zolang Joseph Bertrand de vlam brandend zal houden zal dat ook lukken, samen met al die andere K70 liefhebbers wereldwijd.

NAAR BOVEN